Toiletten en kleedkamers op school genderinclusief maken?

Roze toilet en regenboogvlag

Is het een goed idee om toiletten en kleedkamers op school genderinclusief te maken?

Ja! Hoewel velen dit denken, is het niet wettelijk verplicht om gegenderde toiletten en kleedkamers te voorzien voor leerlingen. Toiletten, kleedkamers en andere voorzieningen genderinclusief maken op school is een goede, duurzame strategie die onderdeel uitmaakt van een inclusief antipestbeleid waarin LGBTQIA+ leerlingen niet vergeten worden. Het kan op lange termijn veel voordelen opleveren voor àlle leerlingen, mits enkele voorwaarden: 

  • Een gedragen schoolvisie waarachter elke leerling, medewerker en ouder zich kan scharen, bijvoorbeeld: “Iedere leerling moet zonder stress naar toilet kunnen”.
  • Heldere, breed gecommuniceerde gedragsregels en een meldingsprocedure in geval van wangebruik.
  • Een hoge mate van privacy. Naar het toilet gaan en je omkleden wordt best omgevormd van een gegenderde en gedeelde ervaring naar een individuele en intieme ervaring. Kies daarom zoveel mogelijk voor individuele, afgesloten ruimtes.
    • Toiletten en kleedkamers zijn over het algemeen plekken waar pesten en intimidatie vaker voorkomen. Het zijn ruimtes waar je lichaam zichtbaarder wordt, waar toezicht vaak minder mogelijk is en waar leerlingen zich met elkaar meten. Sowieso, neemt de wens naar privacy in de puberteit bij de meeste leerlingen toe, zeker bij leerlingen met lichamen die afwijken van de norm, bijvoorbeeld door gewicht, littekens of gezondheidstoestand. Hoe meer privacy, hoe hoger bovendien de kans dat iemand deelneemt aan fysieke activiteiten op school, wat voordelig is voor hun relatie t.a.v. welzijn en gezondheid (Barkowsky et al., 2019).

Welke problemen worden opgelost met genderinclusieve toiletten en kleedkamers?

Voor LGBTQIA+ leerlingen

Uit De Scholierenstem van de Scholierenkoepel bleek dat 10% van de Vlaamse leerlingen zich in 2024 als LGBTQIA+ identificeerde. Voor deze groep zijn gegenderde voorzieningen vaak een probleem: 42,5% van de LGBTQIA+ leerlingen, die deelnamen aan onze Schoolklimaatenquête in 2023, gaf aan dat ze kleedkamers als een onveilige plaats ervaren. 27% vond dit ook van toiletten. Bovendien gaf 2 op 3 van de deelnemende leerlingen (59%) aan dat ze ruimtes die ze op school als onveilig ervaren wel eens vermijden. 2 op 10 deelnemende jongeren (17%) doet dit vaak tot dagelijks.

Waarom is dit zo?

Gender policing

Wanneer jongens en meisjes apart gezet worden, treden genderrollen en -patronen vaak meer naar de voorgrond. Leerlingen doen aan gender policing. Dat betekent dat ze elkaar (vaak onbewust) gaan corrigeren, controleren of bestraffen wanneer iemand gedrag of uiterlijk niet past binnen wat typisch als ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ wordt gezien. Dit kan door iemand uit te plagen, uit te lachen of te pesten. 

Kwetsbaarheid trans en/of non-binaire jongeren

Gegenderde voorzieningen maken voor transgender, non-binaire en/of intersekse leerlingen één van deze situaties bijna onvermijdelijk:

  • Een gedwongen keuze die niet overeenstemt met hoe ze zich voelen. Ze krijgen impliciet de boodschap: “Jij bestaat niet.”
  • Veel stress vanwege genderdysforie of uit angst om herkend te worden als transgender (bijvoorbeeld door littekens, binders of lichamelijke kenmerken zoals borstgroei of lichaamsbeharing).
  • Blikken, opmerkingen of zelfs tegengehouden worden. Zeker leerlingen in een vroege fase van hun transitie lopen hier risico op. 13% van de deelnemende genderdiverse leerlingen aan onze Schoolklimaatenquête gaf aan persoonlijk aangesproken of gestraft te zijn geweest door leerkrachten of schoolpersoneel omwille van het gebruik maken van toiletten of kleedkamers die (meer) overeenkomen met hun gender. Dit terwijl Amerikaans onderzoek aantoont dat deze vorm van ‘toiletdiscriminatie’ samenhangt met meer depressieve klachten en suïcidaliteit (Price-Feeney et al., 2019)

Bovendien blijkt uit Amerikaans onderzoek dat transgender en non-binaire jongeren vaker slachtoffer worden van seksueel grensoverschrijdend gedrag wanneer hun school een beleid hanteert waarbij leerlingen gebruik moeten maken van gegenderde toiletten op basis van hun geboortegeslacht (Murchison et al., 2019).

Bedreigingsperceptie

Holebi leerlingen kunnen bang zijn dat anderen hen gaan beschuldigen van ‘gluren’ of ‘iets verkeerds willen’, enkel omdat ze holebi zijn. Ze worden hyperwaakzaam, vermijden oogcontact en proberen zich zo onzichtbaar mogelijk te maken uit angst voor agressie.

Enkele citaten van LGBTQIA+ leerlingen uit onze Schoolklimaatenquête maken deze realiteit duidelijk:

“Ik zou graag extra toiletten willen voor iedereen die niet binnen de [categorie] man- en vrouwtoiletten hoort. Het voelt verkeerd in de vrouwen-wc te gaan, maar het kan niet anders. Ik ben nog closeted, dus ik kan het aan niemand vragen.”

“Vaak is LO en zijn de kleedkamers bij LO het moeilijkste voor mij. Er zijn veel homofobe jongens bij elkaar en vaak hoor ik ze ook homofobe dingen zeggen in het algemeen.”

“Er is een situatie geweest waar ik een Pride-vlag droeg, en er was een jongen in mijn klas die in de jongenskleedkamer had gezegd dat hij de vlag ging verbranden en een andere leerling, die regenboogsokken droeg, te vermoorden.”

Voor meisjes

Uit diverse wetenschappelijke studies blijkt dat de toilettijd bij vrouwen en meisjes anderhalf tot twee keer zo lang duurt dan bij mannen. Hierdoor kan toiletstress ontstaan tijdens korte pauzes en geraken leerlingen niet altijd op tijd in de les. 

Vlaamse onderzoekers onderzochten in 2017 welke indeling van toiletruimtes de meeste tijdswinst oplevert voor vrouwen. Hun bevinding? De beste manier om de file aan de vrouwentoiletten te verwijderen, is door ze genderinclusief te maken. Door enkel toiletpotten aan te bieden wordt de wachttijd voor jongens en meisjes even lang. In een situatie waarbij per twee gemengde hokjes maximum één urinoir wordt aangeboden, daalt de wachttijd voor zowel jongens als meisjes substantieel (Van Hautegem & Rogiest, 2017). Voor scholen of studierichtingen waarbinnen jongens of meisjes oververtegenwoordigd zijn, verschilt dit. 

Voor leerlingen met een handicap of chronische ziekte

Voor leerlingen met een handicap, chronische ziekte (bijvoorbeeld de ziekte van Crohn of het prikkelbare darm syndroom), angststoornissen of andere gezondheidsproblemen, zoals een verzwakt immuunsysteem, is het belangrijk dat toiletten toegankelijk, nabij en privé zijn. Doordat gegenderde voorzieningen soms ver uit elkaar liggen en dat hun toegankelijkheidsniveau's kunnen verschillen, kan het voor deze leerlingen moeilijk zijn om op tijd een ruimte te vinden die hieraan tegemoetkomt. Ook weten we dat gedeelde toiletruimtes vaak als bijzonder stresserend ervaren worden voor hen, waardoor ze soms extra moeite doen om een individuele toiletruimte te vinden (Hartigan, 2020, Harwood-Jones et al., 2021).

Voor alle leerlingen

Wanneer kinderen voortdurend ingedeeld worden in ‘jongens’ en ‘meisjes’, gaan ze de wereld ook meer door deze bril bekijken. Onderzoek toont aan dat klassen waarin leerlingen op gender worden ingedeeld, meer genderstereotypering vertonen dan klassen waar dit niet gebeurt. Zelfs de signalisatie bij toiletten en kleedkamers die jongens en meisjes opdelen hangt aantoonbaar samen met een meer binaire kijk op gender bij adolescenten (Gillig et al., 2023).

Gegenderde voorzieningen hebben kunnen ook een nadelig effect hebben op de veiligheid en mate van toezicht, doordat onderwijspersoneel zich terughoudend kan voelen om een toilet- of kleedruimtes ‘van het andere geslacht’ te betreden – zelfs in geval van noodsituaties of bij vermoedens van pesten of grensoverschrijdend gedrag.

Wat zijn veelgehoorde argumenten tegen genderinclusieve toiletten en kleedkamers?

De Scholierenkoepel vroeg in 2024 naar de mening van 11.072 leerlingen over gegenderde toiletten. Slechts 8% was uitgesproken voorstander van het afschaffen van aparte jongens- en meisjestoiletten en slechts 9% was onverschillig. Bijna de helft was voorstander van een extra genderinclusief toilet, terwijl 30% ook dat geen goed idee vond en pleitte voor het behoud van de status quo. Hierin valt het op dat jongens vaker voor het behoud van de status quo waren (43%) dan meisjes (23%). Opvallend is Afbeelding met tekst, schermopname, Lettertype, lijn

Door AI gegenereerde inhoud is mogelijk onjuist.dat ook meer non-binaire leerlingen voorstander waren van de installatie van een extra genderinclusief toilet (58%) dan van een totale afschaffing van gegenderde toiletten (27%), al is de steun hiervoor wel duidelijk groter dan bij de genderbinaire leerlingen.

Het draagvlak voor genderinclusieve voorzieningen is dus nog niet groot. Al kan dit sterk verschillen per school: De Sint-Lucas Kunsthumaniora in Gent maakte bijvoorbeeld in 2023 alle toiletruimtes inclusief en ontving hier geen klachten over van leerlingen of ouders, wat kan duiden op een sterk draagvlak voor maatregelen rond genderinclusie dat inherent is aan de schoolcultuur.

Veelgehoorde bezwaren tegen genderinclusieve toiletten en kleedkamers hebben meestal geen rechtstreeks verband met het al dan niet scheiden op gender, bijvoorbeeld:

  • Veiligheid: In publieke debatten vrezen mensen soms voor een toename in onveiligheid of grensoverschrijdend gedrag t.a.v. cisgender meisjes, wanneer transgender en/of non-binaire personen gebruik mogen maken van toiletten en kleedkamers volgens hun genderidentiteit of wanneer deze ruimtes genderinclusief worden. Toch vinden de meest onderbouwde studies hier geen bewijzen voor (Herman et al., 2025; Hasenbush et al., 2018) en ook in gegenderde toiletten voelen veel vrouwen zich angstig voor seksueel geweld (Hartigan, 2020; Quinlan et al., 2009).  
  • Ruimtes die gereserveerd zijn voor vrouwen kunnen ook als noodzakelijk ervaren worden om culturele of religieuze redenen. Denk bijvoorbeeld aan vrouwen die een sluier dragen en nood hebben aan een ruimte zonder mannen om hun sluier af te nemen. 

Door genderinclusieve ruimtes in te delen met een hoge mate van privacy kunnen deze bezwaren grotendeels opgevangen worden. Denk bijvoorbeeld aan het voorzien van een spiegel, wasbak en vuilbakje in elk toilethok, het vermijden van open ruimte boven of onder de hokjes, het afschermen van urinoirs en meer.

Uiteraard kan onhygiënisch gebruik van toiletruimtes door elke gebruiker gebeuren en is dit fenomeen niet beperkt tot mannen of personen met een mannelijk geboortegeslacht. Het is daarom aangeraden om in te zetten op duidelijke gedragsregels en deze ook te communiceren via symbolen en tekst in de toilet- of kleedruimte. Als school kan je ook zorgen voor een meldprocedure via welke inbreuken gemeld kunnen worden. Maak ook duidelijk hoe er opgetreden wordt tegen wangebruik.

  • Framing: Onder invloed van Amerikaanse media, wordt het debat rond gegenderde toiletten en kleedkamers vaak op de spits gedreven. Het thema is gevoelig voor framing als ‘ideologisch’ of ‘heerschappij van een minderheid’, in tegenstelling tot ‘gelijke rechten voor iedereen’. Dit kan zorgen voor weerstand, bezorgdheid of boosheid bij leerlingen of onderwijspersoneel.

Deze framing kan het draagvlak voor genderinclusief sanitair aantasten, waardoor het beleid een averechts effect kan hebben. Door te werken aan een duidelijke, gedragen schoolvisie kan je dit risico vermijden. Gebruik hierbij toegankelijke taal, focus op de collectieve voordelen en verwijs naar waarden die iedereen deelt, bijvoorbeeld: “Iedere leerling moet zonder stress naar toilet kunnen”. Vermijd daarentegen een focus op termen zoals “diversiteit”, “inclusie” of “transgender”.

Welke stappen kan ik al ondernemen als het schoolbestuur toiletten en kleedkamers (nog) niet genderinclusief wil maken?

Is er op dit moment nog onvoldoende draagvlak om met je school de stap te zetten richting genderinclusieve sanitaire en kleedvoorzieningen? Dan kan je alvast deze stappen zetten:

  1. Werk aan een gedragen schoolvisie rond het gebruik van toiletten en kleedkamers in het kader van je antipestbeleid en/of je beleid ter preventie van grensoverschrijdend gedrag. Zet in op breed gedragen waarden en toegankelijke taal, bijvoorbeeld: “Elke leerling moet veilig en stressvrij gebruik kunnen maken van toiletten en kleedkamers.”
  2. Stel gedragsregels en meldingsprocedure op over het gebruik van toilet- en kleedruimtes Communiceer deze regels naar team, ouders en leerlingen. Breng ze visueel aan met symbolen en tekst in de ruimtes zelf.
    • Enkele voorbeelden:
      • Niemand wordt aangesproken, uitgelachen of gevolgd omwille van het gebruik van een toilet of kleedruimte.
      • Er worden geen foto’s of video’s gemaakt van mensen in toiletten of kleedruimtes
      • Er worden geen opmerkingen gemaakt over de lichamen van anderen.
      • Je laat het toilet netjes achter: Je spoelt door, doet de wc-bril naar omlaag en gebruikt de toiletborstel indien nodig.
      • Leerlingen kunnen terecht bij XXX wanneer deze regels niet nageleefd worden.
  3. Verhoog de mate van privacy in toiletten en kleedkamers met tijdelijke, goedkope maatregelen. Denk bijvoorbeeld aan verplaatsbare wanden, gordijnen, etc.
  4. Zet op papier dat leerlingen de gegenderde toiletten en kleedkamers mogen gebruiken volgens genderidentiteit en communiceer dit naar alle schoolmedewerkers en leerlingen. Je kan verwijzen naar de antidiscriminatiewetgeving.
  5. Voorzie minstens één afgesloten, individuele toiletruimte die gebruikt kan worden door elke leerling, ongeacht genderidentiteit. Opgelet: Communiceer over dit toilet als een toilet ‘voor iedereen’ en niet ‘voor non-binaire leerlingen’. Dit kan een ongewenste situatie creëren waarbij non-binaire of zoekende leerlingen heel zichtbaar worden door dit toilet te gebruiken.  
  6. Uit een leerling zich als non-binair en/of transgender op jouw school? Nodig hen uit voor een open gesprek over hun transitie op school, waaronder het gebruik van nieuwe naam, voornaamwoorden, toilet- en kleedruimtes. 

Mag het van de inspectie?

Ja. Er is geen wetgeving over het al dan niet scheiden van toiletten en kleedkamers voor leerlingen op gender. AGION hanteert enkel een niet-bindende aanbeveling die stelt dat toiletten voor leerlingen op school, met uitzondering van de kleuterschool, best gescheiden zijn. Scholen mogen hiervan afwijken, zonder risico op sancties, zolang de toiletten veilig en goed bereikbaar zijn, voldoende privacy en toezichtmogelijkheden bieden. 

Voor medewerkers moeten de toiletten in principe wel gescheiden zijn vanwege de codex over het welzijn op het werk. Je bent wel vrij om aanvullend ook genderinclusief sanitair op de onderwijswerkvloer te voorzien.

Wil je hier meer over weten? Bekijk dan deze informatiepagina van het Transgender Infopunt.

Wat doen andere scholen?

Uit onze Schoolklimaatenquête (2023) blijkt dat het aantal scholen dat een LGBTQIA+ inclusief beleid hanteert rond toiletten en kleedkamers nog erg laag is. Je hebt dus nog de kans om met jouw school een pionier te zijn.

Over 41 scholen zeiden de deelnemende jongeren dat hun beleid toestaat dat leerlingen toiletten gebruiken volgens genderidentiteit. Dit gaat over 5% van alle deelnemende jongeren. Wat betreft kleedkamers is dit beleid nog zeldzamer: slechts 27 scholen (3,4%) laten leerlingen een kleedkamer kiezen volgens genderidentiteit. Ongeveer evenveel scholen hadden een genderneutrale of aparte toilet- en kleedruimte.

De Sint-Lucas Kunsthumaniora in Gent is één van de scholen die het goede voorbeeld geeft. Zij maakten in 2023 alle toiletten inclusief. Dit deden ze door neutrale pictogrammen op te hangen. Infrastructurele wijzigingen vonden nog niet plaats. Voor het omkleden zijn er gegenderde ruimtes en één aparte ruimte. Leerlingen zijn vrij om te kiezen welke ze willen gebruiken naar genderidentiteit. Hun beleid werd uitgestippeld door een werkgroep Diversiteit, dewelke nu ook een 10-puntencharter ontwikkeld waarmee ze het beleid en de schoolafspraken zichtbaarder en gekender willen maken bij leerlingen, medewerkers en ouders.

Hoe weet je of je aanpak werkt?

Wanneer je leerlingen bevraagt naar hun welzijn op school, kan je vragen toevoegen die jou inzicht kunnen geven in de werkzaamheid van je beleid. Denk aan:

  • “Ik voel me veilig op het toilet/in de kleedkamers.”
  • “Ik vermijd het soms om naar toilet te gaan.”
  • “Ik gebruik graag de individuele toiletruimte/omkleedruimte.”

Let op: Ontvang je plots méér meldingen vlak na de start, kan dit ook wijzen op meer bekendheid van je meldingskanalen. Kijk dus niet alleen naar aantallen, maar ook naar aard en opvolging.